Mystiek Vermogensfondsen Wegnemen

Interview met Suzette de Boer op platform 'Voor Nu en Later... Erven, Schenken en Nalaten'.
lees verder >>

Reactie SBF op het Regeerakkoord

Het Regeerakkoord is door SBF doorgenomen op maatregelen die direct van invloed zijn op (de randvoorwaarden voor) de filantropische sector. De nieuwe coalitie lijkt gevoelig voor de oproep van de sector om filantropie te erkennen als een belangrijk fundament voor maatschappelijke binding en actief burgerschap.
lees verder >>

ECSP Armoede Learning Event

Het ECSP organiseert 20 september 2017 van 13.00-18.00 het Armoede Learning Event voor filantropen en filantropische fondsen om hen te prikkelen en te inspireren tot nieuwe, meer effectieve manieren om armoede te bestrijden.
lees verder >>

Manifest Filantropie en Giftenaftrek

Brief SBF aan Tweede Kamer: Giftenaftrek en Manifest Filantropie
lees verder >>

Vacature Sint Laurensfonds

Sint Laurensfonds is op zoek naar een projectadviseur.
lees verder >>



     

    'Onderzoekt u eens waarom het mensen beter gaat!'

    Juist vermogensfondsen kunnen bij internationale samenwerking (voorheen: ontwikkelingssamenwerking) onderzoeken wat op lange termijn de gevolgen zijn van interventies. Daarin ligt een interessante opdracht voor FIN-leden. Deze en andere conclusies werden getrokken op 30 oktober jl., bij de FIN-themabijeenkomst ‘Vermogensfondsen en internationale samenwerking: evaluatie, innovatie & inspiratie’ in het R.C. Maagdenhuis in Amsterdam.

    Door: Miriam Wijnen

    Circa vijftig deelnemers waren aanwezig bij de presentaties van drs. Ben Witjes, prof. dr. Ruerd Ruben en dr. Huib Huyse. Zij benaderden het onderwerp vanuit resp. de praktijk van een NGO (Hivos), de overheid (IOB) en wetenschap (HIVA/KU Leuven). Vervolgens gingen deelnemers met elkaar in discussie over het werk van hun eigen fondsen en evaluatie.

    Rol en taak fondsen
    Vermogensfondsen kunnen samenwerken met de overheid op het terrein van ontwikkelingssamenwerking, stelde FIN-voorzitter Van Gendt bij aanvang van de bijeenkomst. 'Het convenant Ruimte voor Geven biedt hiervoor de mogelijkheid.' Maar fondsen kunnen juist ook de rol innemen van 'luis in de pels' van de overheid. De vraag is altijd hoe de taakverdeling is tussen overheid en de private sector en hoe je als fonds zo effectief mogelijk kunt werken. Wat kunnen fondsen anders of effectiever doen dan overheid of NGO's? Tijdens de discussies kwamen voorbeelden ter sprake.

    Inspirerende sprekers
    Deelnemers waren enthousiast over de drie sprekers die de middag openden:

    Drs. Ben Witjes (Hivos) schetste de context waarin internationale samenwerking plaatsvindt. 'De overzichtelijke wereld van 15 jaar geleden is er niet meer, met o.a. de Noord-Zuid scheiding, Afrika als 'perspectiefloos' continent en overheden en grote ontwikkelingsorganisaties als spelers in het veld.’ Het Zuiden is uiteengevallen, de BRIC-landen en fondsen als de Gates foundation zijn grote nieuwe spelers, venture philanthropy en fair trade hebben hun intrede gedaan, particulieren zetten eigen projecten op. De manier van werken is veranderd door o.a. digitale technologie. Relatief recente vraagstukken zoals klimaatverandering en internetvrijheid dragen bij aan een andere werkwijze. Vernieuwing is in deze context belangrijker dan het ‘uitdelen van geld’.

    Witjes vertelde daarnaast over de praktijk van het evalueren bij Hivos. ‘We evalueren om drie redenen: verantwoording, leren en resultaatmeting.’ Hivos maakt alle informatie over haar werk en samenwerkingsverbanden openbaar. ‘Iedereen kan een eigen oordeel vellen over ons werk.’

    Prof. dr. Ruerd Ruben hield een interessante presentatie over evaluatie op basis van ervaring bij het IOB, de Inspectie Ontwikkelingssamenwerking & Beleidsevaluatie. Deze onafhankelijke evaluatiedienst meet de effectiviteit van het Nederlandse buitenlandbeleid. ‘Evalueer!’, hield Ruben de fondsen voor. Evalueren is zinvol omdat (bewezen) effectiviteit maatschappelijk vertrouwen schept. ‘Wees niet bang voor mislukkingen. Een mislukking is een leermoment.’

    Naast uitleg over effectiviteit (‘Een effectief project geeft value for money’) gaf Ruben toelichting op de verschillen tussen output, outcome en impact en wees hij op de noodzaak van een controlegroep bij impactonderzoek. ‘Zonder controlegroep weet je nooit of een verandering echt tot stand is gekomen dankzij jouw project. Een robuuste impactmeting meet de situatie voor/na je project en met/zonder je project.’ Daarnaast kwamen verschillende evaluatiemethoden aan de orde waaronder ‘randomized control trial’, Results Based financiering en de systematische review (evaluatie van een aantal evaluaties).

    Dr. Huib Huyseschetste de verschuivingen die plaatsvinden in de internationale samenwerking en de invloed daarvan op het evalueren. ‘Bij vermogensfondsen wordt evaluatie steeds belangrijker. Zij willen steeds meer rekenschap afleggen aan de groepen met en voor wie zij werken.’ Evalueren biedt fondsen tal van kansen: zij kunnen evalueren, puur om te leren en innoveren. Op basis van evaluaties kunnen ze snel hun projecten aanpassen, dankzij hun ondernemersgeest en flexibiliteit.

    Vlnr: Ruben, Witjes, Huyse

    Wereldwijd verandert ook het denken over evaluatie. Steeds meer is evalueren gericht op het leerproces, de verbetering die tijdens of na de evaluatie ontstaat, en minder op de uiteindelijke uitkomst die nodig is voor verantwoording. Parallel daaraan kiest men voor projecten de evaluatiemethode die het beste past bij de context van het project (het soort project en de vragen die men beantwoord wil zien). Huyse: Het is beter een ‘best-fit’ benadering te kiezen, waarbij de evaluatiemethodiek goed aansluit bij de evaluatievragen en de specifieke context, dan te zoeken naar één bepaalde evaluatiemethodiek, die als een soort ‘gouden standaard’ in alle contexten wordt toepast.’ Huyse gaf voorbeelden van niet-experimentele evaluatiemethoden en ging dieper in op het instrument Sensemaker en methodes die gebruik maken van beschikbare online data (Global Pulse initiatief). 

    Evalueren vanaf het begin
    Alle sprekers wezen erop dat evalueren start aan het begin van een project. Het is noodzakelijk voor aanvang heldere doelen te bepalen en na te denken over de veranderingstheorie: hoe zal de gewenste verandering tot stand komen?

    • Witjes: ‘Voor een veranderingstheorie is het belangrijk de ketens te kennen. Wij hebben vooronderstellingen die niet altijd kloppen.’
    • Ruben: ‘Je maakt een project meetbaar wanneer je al voor aanvang vijf punten vaststelt: resultaatketen (veranderingstheorie), doelen, meetbare indicatoren, risico’s, kosten/baten. Dit heet Quality at Entry.’
    • Huyse: ‘Het is van groot blang om de veranderingstheorie scherp te krijgen en de juiste evaluatiemethode te kiezen.’ 

    Onderzoek waarom het beter gaat
    In aanvulling op de drie presentaties gaf Van Gendt voorbeelden uit de praktijk van o.a. de Bernard van Leer Foundation. ‘Van Leer doet bij internationale samenwerking aan tracer onderzoek: na een interventie wordt een gemeenschap jarenlang gemonitord om te kijken wat de resultaten zijn. Als kinderen geleerd hebben te schrijven en rekenen, houden ze er dan ook een beter leven aan over?’

    Ruben zag hierin een grote kans voor de vermogensfondsen: ‘Longitudinaal onderzoek gebeurt wel, maar teruggaan naar gemeenschappen niet. De verantwoordingsdruk voor ontwikkelingsorganisaties richting hun donateurs is hiervoor vaak te groot. We weten intussen wel waarom mensen arm blijven, maar niet wat er gebeurt met succesvolle mensen die uit gemeenschappen verdwijnen. Kunt u met dynamisch onderzoek nagaan waarom het mensen beter gaat?’

    30 okt. 2012

    Evaluatie: bezig of in aantocht
    Vermogensfondsen die actief zijn op het gebied van internationale samenwerking zijn wisselend bezig met evaluatie, zo bleek bij de tafeldiscussies. De aftrap werd gegeven door Karuna Foundation die op een ondernemende manier projecten opzet in ontwikkelingslanden voor preventie van handicaps bij kinderen, zorg voor gehandicapte kinderen en gezondheidszorg. Karuna vertelde over een project voor coöperatieve ziekteverzekering, Share&Care, dat wordt gemonitord via nulmetingen en (lokale) dataverzameling.

    Veel van de overige aanwezige fondsen evalueren nog maar beperkt of staan in de startblokken om ermee te beginnen. Drie familiefondsen bleken bezig met een professionaliseringsproces. Een aantal jonge fondsen evalueert volop. In dit gemengde gezelschap werden volop ideeën en ervaringen uitgewisseld.

    Reacties

    • Dit vraagt om follow-up. We kunnen fondsen vragen hun ervaringen met evaluatie te presenteren, en wetenschappers laten reageren. – Dr. Van Gendt, voorzitter FIN.
    • Een erg goede bijeenkomst over nut en noodzaak van evalueren. - Dhr. Verbree, St. Nalatenschap de Drevon.
    • Goed om de verschillende manieren te zien waarop je kunt evalueren. Met elkaar praten helpt om ideeën te ontwikkelen die ik in het bestuur zal aandragen. - Drs. Kooij, St. Dyslexie Fonds.
    • Nuttig om hier te zijn! Bij de vermogensfondsen zijn professionele spelers bij wie we als ministerie aansluiting kunnen vinden. – Dhr. Galema, Buitenlandse Zaken.
    • Door deze uitwisseling kom je op nieuwe ideeën - Mw. Ebbers, St. Flowfund.
    • We zijn bezig met het opzetten van een fonds en voelen ons hier erg thuis. Evalueren is heel belangrijk om grip te houden op je activiteiten, u moet zeker doorgaan met deze themabijeenkomsten. Het follow-up voorstel van dhr. Van Gendt is fantastisch. – Mw. Van Hooft, GreenDreamFoundation.
    • We zijn hard aan het nadenken over evaluatie. Ik weet nu dat de veranderingstheorie daarbij van essentieel belang is. - Dhr. Scholten, St. Democratie en Media.
    • Verfrissende bijeenkomst met een open sfeer. De deelnemers hier durven risico’s te nemen en te leren van fouten. - Prof. dr. Ruben, IOB.
    • Interessante netwerkbijeenkomst met aandachtig publiek. Fondsen zijn jonger, professioneler en minder formeel dan ik had verwacht. – Dhr. Witjes, Hivos.
    • Een goede kennismaking met de Nederlandse vermogensfondsen. In België bestaat een vergelijkbare groep, alleen worden daar meer organisaties geschaard onder de noemer ‘particulier initiatief’. Hoewel de fondsen vergelijkbaar zijn, is in Nederland het debat over ontwikkelingssamenwerking veel scherper dan in België. – Dr. Huyse, KU Leuven.  

     

    Terug